Breadcrumbs

Wat gaat zo’n week toch snel voorbij. We zitten alweer op de donderdag. Vandaag heb ik een rustdag. Ik heb de hele dag voor mijzelf. Aan het einde van de dag eet ik bij Jelly en gaan wij op bezoek bij Wim en Jacob, ze staan deze een na laatste dag in Egmond. De hele dag kan ik lekker bijkomen van mijn avontuur in Nijmegen van de vorige dag en rond 5 uur reis ik af naar Jelly. We kwebbelen lekker, eten een hapje en reizen af naar Egmond aan Zee. Ik reed er zomaar in een keer naartoe, knap he. Ook Wim en Jacob had ik zo gevonden. Ze stonden op ongeveer dezelfde plek als vorig jaar. Vorig jaar hadden de heren mazzel, want toen was het heerlijk weer. Misschien zelfs een tikkeltje te warm. Het weer speelde nu niet mee. Het was benauwd en het was duidelijk te merken dat er onweer in de lucht zat. Wat was ik blij dat ik Wim weer zag. Ik moest eerst even zijn voeten inspecteren. Hij had er toch weer een paar blaren bij gehad en zijn hele voeten waren ingetaped. Het bleek dat er dit jaar veel meer mensen waren afgehaakt dan vorig jaar. Het rulle zand en slechte weer was te veel gebleken voor sommige lopers. Anderen speelde weer vals en lieten zich vervoeren door bus of taxi. Heel flauw.We liepen naar de kantine waar we lekker verkoeling zochten door een lekker drankje. We zaten buiten lekker aapjes kijken naar alle lopers die langskwamen. Het was echt een hele mengelmoes van jong, oud, man, vrouw, knap en lelijk. Wij vermaakten ons wel. Toen was het voor Jelly en mij weer tijd om weg te gaan. Ik hou niet zo zeer van afscheid nemen en krijg altijd een brok in mijn keel en had in dit geval het liefste Wim meegenomen naar huis. Ik heb mij gelukkig kunnen inhouden. Nog eenmaal vanuit de auto zwaaien, de hoek om en ik zou Wim pas weer zaterdag zien bij de finish in Den Helder. Maar soms kan het raar lopen. We waren bijna bij Jelly’s huis toen mijn telefoon ging. RINGGGG RINGGG.. Het bleek Wim, of ik even terug kon rijden want er bleek nog wat van Jacob achter in de kofferbak te zitten. Gloeiende… gloeiend…. We waren al bijna bij Jelly’s huis en bovendien moest ik enorm nodig plassen. Ik heb dus eerst Jelly afgezet, een plas gedaan en kon dus weer 20 minuten terug naar Egmond aan Zee rijden en daarna weer naar huis. Het was ondertussen half twaalf geworden voor ik thuis kwam en ik ben maar snel naar bed gegaan want de volgende dag kwam Pasula want op vrijdag zouden wij een bezoekje brengen aan het kasteel van koning Marcel.

Normaal is Pasula een vrouw van haar woord, maar dit keer kwam ze te laat aan in Lelystad. Ze had de verkeerde trein genomen en deze reed niet helemaal door naar Lelystad dus had ze een onverwachte overstap. Na aankomst nog even een fles Rose gehaald voor Marcel (Ik heb gehoord dat de koning wel van een drankje hield) en ook nog wat diesel voor de auto gehaald want die heeft ook altijd weer dorst. En ik weet niet wat ik de laatste tijd heb maar onderweg moest ik alweer een plaspauze houden. De weg naar Marcel was makkelijk. Slechts aan de rand van de stad heb ik even op het bord moeten kijken waar zijn straat precies lag. Het was heel simpel en zo waren we nog netjes op tijd gearriveerd. We werden getrakteerd op koffie/thee met koek. Pasula stoof al eerste af op de poes van Marcel en begon deze te aaien, tja dan kan ik niet achterblijven. Marcel keek vreemd op want poes is normaal niet dol op visite maar liet zich door ons gewillig aaien. Daarna gaf Marcel ons een tour door zijn stad die groter en leuker bleek dan ik had gehad. De tour eindigde op een terras voor een heerlijke lunch. Daarna werd Marcel zonder pardon door Pasula aan de studie gezet en wij besloten nog wat te gaan toeren. De rit bracht ons uiteindelijk in Kampen. Het weer was heerlijk. We konden zien dat het had geregend maar nu was de lucht onbewolkt en zorgde de zonneschijn voor een heerlijk temperatuurtje. We stopte eerst bij een gezellig cafe’tje voor een plas en een drankje. Op de grond lag lui een mormel van een hond, de maker had een poging gewaagd om het beestje te knippen. Dat was helaas niet gelukt, dit maakte het uiterlijk van het beestje ehhhh… uniek. We vonden een lekker restaurantje en besloten daar in de tuin te gaan zitten voor een hapje. De stoelen en tafel was nog kletsnat van de eerdere regenbui maar werd door de aardige serveerster meteen drooggemaakt. Pasula nam een heerlijke shashlik (schrijf ik dat zo goed?) en ik nam een biefstuk van de haas in rode wijn saus. Echt smakelijk zag mijn portie er niet uit, maar het smaakte goed hoor. Na het eten nog even een ijsje uit de naastgelegen ijssalon, maar dat viel vies tegen. Weinig smaken en brrrrr. Niet lekker. Toen was het tijd om naar huis te gaan want het begon weer te regenen en bovendien was het ook alweer de hoogste tijd want de volgende dag was DE dag. Wim zou weer thuiskomen.

TPL_BACKTOTOP