En toen was er niks meer... Jaren van blog-berichten ooit geschreven, allemaal verdwenen. Als sneeuw voor de zon.. Letter voor letter met bloed, zweet en tranen (Hoe cliché, Andre Hazes) door de jaren heen getypt. En nu verdwenen, opgelost in het grote cyber luchtledige. Misschien ooit nog terug te vinden, maar nu niet de kennis of de tijd om dit te doen. Daarom, een nieuw begin.. Welkom bij het vernieuwde Jefland.

Het was al sinds donderdagavond dat ik wat van Wim had gehoord. Helaas gaat de accu van een mobieltje niet de volle 6 dagen mee, vooral als je constant gebeld wordt. Ik ontving alleen vrijdagmorgen een kort telefoontje waarin Wim vertelde dat ze niet meer konden bellen. Dus gisteren weinig contact met Wim gehad. Maar ik had het gisteren vrij druk. Al een tijdje maakt onze auto behoorlijk lawaai. Ik dacht dat het de uitlaat was, dus maakte ik mij op voor een ritje naar de Kwik Fit, maar eerst moest ik even mijn broer ophalen voor de boodschappen die we moesten halen. Wij zouden die avond gaan BBQ-en. Nu heb ik totaal geen verstand van auto’s, maar mijn broer lachte mij vierkant uit toen ik vertelde dat mijn uitlaat kapot was. Volgens hem waren mijn achterlagers niet goed dus in de middag heeft hij even naar mijn auto gekeken en inderdaad, er zat speling in de lagers. Dus ik kreeg een briefje mee wat ik moest halen bij de autospecialist en hij zou de lagers er dan zondag inzetten. Ik dus naar die winkel met het briefje. De man achter de balie zette zijn bril op het puntje van zijn neus, las het briefje en haalde een doosje van achteren. “Dat is dan 54 euro 20” zei hij. Terwijl ik naar mijn geld graaide, haalde hij het ding uit de verpakking en liet hem mij zien. Tja, daar lag het, het was een rond ding. Hij had mij net zo goed een onderdeel van een koffiezetapparaat kunnen laten zien en dan had ik nog net zo meegaand geknikt. De BBQ was lekker die avond, al waren de honden vrij vervelend en vonden het erg prettig de net geplante bloemetjes met veel geweld weer uit te graven. Dit vond mijn schoonzusje niet zo leuk en haalde om de haverklap de honden weg bij het perkje, maar die maakte er een spelletje van om zo snel mogelijk terug te keren en lekker verder te gaan. Het eten was heerlijk, maar binnen de kortste keren zat ik bomvol. Om 21.30 belde Paula, die bleef bij mij slapen omdat we zaterdag om 08.00 op weg moesten om Wim en Jacob binnen te halen. We moesten namelijk eerst nog een pitstop maken om Sjoukje, Jacob’s vrouw op te halen. Alles verliep voorspoedig en om 11.30 waren wij bij de finish-plek. Gelukkig waren Wim en Jacob nog niet gearriveerd. We liepen naar de Zeedijk waar we een goed uitzicht hadden op de route en konden een eind in de verte kijken. Na een kleine 10 minuten zagen we ze aankomen. Het liefst was ik naar beneden gerend en huilend in zijn armen gevallen. Je kent het wel, net zoals in die romantische films: in slow motion en dan elkaar zoenend en huilend in de armen vallen terwijl de hele wereld om ons heen lijkt te draaien. Maar hee! Een Jef heeft ook zijn trots, dus uiterlijk zeer rustig liepen Sjoukje en ik hen tegemoet, terwijl Paula besloot een fotoreportage van ons te maken. Toen ik dichtbij kwam zag ik dat Wim op blote voeten liep. Op de weg naar de finish vertelde hij het hele verhaal. Donderdag ging de tocht van Egmond aan Zee naar Callantsoog. Het was weer een behoorlijke tocht maar bij de zeewering bij Petten ging het mis. Wim kreeg heel erge last van zijn voeten en kon niet meer. Hij trok zijn sokken en schoenen uit en zag dat er naast het doorzichtige blaarvocht ook geel-groen pus uitkwam. Tranen sprongen in Wim’s ogen. Zijn wandeltocht en martelgang leek toch ten einde te komen bij Petten. Zo’n moment kan behoorlijk emotioneel zijn, vooral als men zo dicht voor finish moet stoppen. Zijn teen zag er niet goed uit. Dus werd er door de kustwacht een taxi voor hem gebeld die hem naar een huisarts bracht. Deze maakte de wond schoon en knipte het losse vel weg. Wim mocht weer verder lopen als hij wou maar dan moest hij wel op blote voeten lopen. Op dat moment kwam er een speciaal gevoel over hem heen, hij voelde zich herboren zoals een Feniks herboren wordt uit de as. Lopen zal hij en het einde zou hij halen. En dat heeft hij dus gedaan. Anderhalve dag heeft Wim dus op blote voeten gelopen, over de weg en langs het strand. En zo liep hij dus ook door de finish, op blote voeten en met geheven hoofd. Opvallend was dat veel mensen Wim ondertussen konden en hij bekend stond als de blarenman. Natuurlijk kreeg hij veel complimentjes en ik was reuze trots op hem. Ondertussen zijn we net thuis en Wim heeft een heerlijk lang bad genomen, die heeft hij verdiend en ik ga nu een lekkere entrecote met krieltjes en salade voor hem maken. Ons huis is nu weer compleet.

Oh nee he, ik hoor het jullie al denken. Alweer een log die in het teken staat van de Strand Zesdaagse. Ja jongens (en meisjes), ik kan er niks aan doen maar deze week heb ik een innige relatie met de kust. Gisteren was het weer tijd om bij Wim op bezoek te gaan. Ze zouden hun tentje opslaan in Egmond aan Zee. Dat is dichtbij waar Jelly woont, dus Jelly gebeld of ze zin had om mee te gaan. Daar had ze wel oren naar. Dus om half vier richting Jelly vertrokken. Ik zou even bij haar in de buurt boodschappen doen want Wim had gevraagd om broodjes en nieuw beltegoed. Bij de Albert Heyn moest ik trouwens de colporteurs van Tele2 nog van mij afslaan. Er kwam namelijk iemand vriendelijk lachend op mij af. En in mijn hoofd begonnen allerlei raders in werking te treden. “Wie was die man?” “Ken ik hem?” “Misschien een oude collega?” “Hij ziet eruit als iemand van de bewaker.” “Waarom komt die nu vriendelijk lachend op mij af?” Pas toen hij vroeg of ik al via Tele2 belde, kon ik gerust ademhalen. Ik werd niet dement en de goede man kon ik ook niet. “Ik bel al via Tele2” (Ik bel echt via Tele2) riep ik opgewekt, ervan overtuigend dat daar mee de kous af was. Mis. Want dit soort colporteurs laat zich niet makkelijk afschepen: “Maar belt u ook mobiel al via Tele2?”. Shit, die was ik even vergeten. Iets uit het veld geslagen stamelde ik “Nee” en begon mijn pas te versnellen. Achter mij hoorde ik hem nog proberen “Ja maar dan krijgt u een gratis mobiel en…” “Sorry geen intresse” zei ik en maakte mij uit de voeten. Daar was ik weer goed vanaf gekomen. Sinds kort durf ik nee te verkopen, maar heb daar soms nog moeite mee. Maar ik was trots op mijzelf dat ik de test heb doorstaan. Tijd om naar Jelly te gaan. Jelly woont aan de rand van het winkelcentrum en schuin tegenover de Aldi. Ik zag haar op het balkon al lekker genieten van de zon en een boek. Ze zag mij en wilde al naar beneden lopen om de deur te openen. “Wacht maar even, ik moet nog even naar de Aldi” riep ik haar toe en dook de Aldi in. Dom dom Jefje, je weet toch dat de Aldi het woord “even” niet kent. Ik had slechts die blauwe flesjes met isotone dorstlessers light en een pakje cheddar-kaas nodig. Maar toen ik bij de kassa kwam sloeg de schrik om mijn hart. Slechts een kassa was geopend en er stond een enorme rij te wachten. Er zat dus niks anders op dan aan te sluiten. Achter de kassa zat een wat asociale type met lang haar. Ze zat er duidelijk niet voor haar lol, dat was duidelijk aan haar gezicht te zien. Ook haalde ze tergend langzaam de producten over de scanner. Waar is de tijd gebleven dat er van die snelle kassiers achter de kassa bij de Aldi zaten, die razend snel de productcode’s intypte? Ik stond dus al een kwartier in de rij en was nog niet aan de beurt. Ik keek achter mij en zag dat de rij nog verder gegroeid was. De dame achter mij werd ongeduldig en sprak een medewerkerster aan die langs liep. “Kan er misschien nog een kassa open?” “Nee, wij gaan eten” klonk het antwoord gepikeerd. Kortom, na ruim 20 minuten wachten stond ik eindelijk weer buiten. Het bezoek bij Jelly werd dus automatisch een bliksembezoekje. Ze had heerlijke taco’s met een lekkere salade gemaakt, dus voldaan met een vol buikje vertrokken wij naar Egmond aan Zee. We reden er in een keer naartoe want je hoeft alleen maar het spoor van de lopers te volgen en voilla… Maar dan is het nog een opgave om Wim en Jacob te vinden in zo’n groot tentenkamp. Lang leve de GSM. Even was er nog verwarring over de plek waar wij stonden. Maar toen zag ik ze in de verte al zwaaien. Ze hadden net hun eten gehaald en waren op de terugweg naar hun tent. Jelly en ik erachter aan. Natuurlijk was het weer slalommen en oppassen voor de scheerlijnen. Bij de tent keken wij toe hoe de heren lekker van hun avondeten genoten: Bloemkool met een papje, aardappeltjes, 2 saucijsjes en een appel toe. Het zag er goed uit. Terwijl Wim lekker van zijn eten smikkelde had ik tijd om hem eens goed te observeren. (Jef gaat in verliefdheids-modus….) Wat zag hij er heerlijk uit… Zijn huid was mooi gebruind en zijn blauw-groene ogen glinsterde. Hij was wat kilootjes afgevallen en had een lekker strakke kaaklijn met daarop een baard van 1 – 2 dagen. Het was dat we daar niet alleen waren anders had ik hem meteen besprongen. Natuurlijk kregen we de verhalen van de dag te horen. Het bleek dat Jacob en Wim veel te fanatiek liepen, zonder veel te rusten en alleen hun brood in de duinen of op een zanheuveltje aten. Pas gisteren kwamen ze erachter dat de rest onderweg af en toe stopte in strandtentjes. Dat hebben ze toen ook maar gedaan. Wim had gisteren wat moeite om in het looptempo te komen. Vindt je het gek als je voeten helemaal zijn ingetaped. Maar goed, ze hebben weer een dag overwonnen. Jacob haalde mij nog even apart en op samenzweerderig toon vertelde hij dat ik op moest passen en dat ik concurrentie had. Ik keek een beetje rond en zag inderdaad genoeg lekkers rond lopen. Maar al snel bleek dat Jacob het had over de EHBO-medewerkerster waar Wim een innige relatie mee had gekweekt. Uren zat hij daar binnen, zogenaamd om zijn blaren door te laten prikken. Maar ondertussen konden de twee het zeer goed vinden en hij heeft zelfs thee voor haar gehaald. Zou het kunnen? Is Wim genezen? Is een EHBO-zustertje met een blarenprikken het medicijn tegen homofilie? Hahaha, ik dacht het niet. Zou de wereld van de blarenprikster instorten als ze erachter komt dat Wim homo is? Ik gedachte zie ik haar al huilend van het terrein afrennen. Haar wereld zou instorten… Wim doet er trouwens verstandig aan haar het nieuws pas op de laatste dag te vertellen, zo’n EHBO-ster met priknaald kan gevaarlijk zijn. Want er zijn veel pijnlijke plekken waar die naald kan belanden. Wij zijn nog even mee geweest naar de kantine, koffie gehaald en even terug naar de tent om een paar foto’s te maken. Wim en Jelly spraken af dat Jelly misschien het laatste stuk van Callantsoog naar Den Helder zou meelopen als ze tenminste op tijd daar kon zijn. Toen was het tijd om afscheid te nemen. Afscheid nemen is altijd moeilijk, vooral als je wegrijdt en in je spiegel Wim en Jacob steeds kleiner ziet worden. Gelukkig heb ik hem morgen weer thuis. Ik ben alleen bang dat hij thuis geen stap meer kan en wil verzetten want zijn voeten zitten helemaal in de tape. Ach, dan kan ik hem lekker het weekend vertroetelen. Kopje koffie, krantje en pantoffeltjes, lekker truttig.

Wat is mijn man toch een echte bikkel. Gisteren was de zwaarste dag van de Strand Zesdaagse en ik had er een hard hoofd in of Wim die zou redden. De dag ervoor waren we namelijk even bij hem geweest en hij zat onder de beten op zijn benen, een tekenbeet in zijn zij, tenen onder de blaren en pleisters en bovendien een dikke bloedblaar onder zijn zool. In gedachten was ik gisteren constant bij hem en heb hem ook een paar keer gebeld maar mijnheer liet zich niet kennen en als een bikkel heeft hij gisterenmiddag Velsen bereikt, de derde stop. Dus om een uurtje of acht besloot ik hem nog even te bellen, maar toen kreeg ik Jacob aan de telefoon. Wim lag nog op de tafel bij de EHBO en het zou nog wel even duren. Wim zou wel bellen als hij terug bij de tent was. Dat duurde nog even. Wat was nu het geval? Wim en Jacob gingen naar de EHBO omdat ze toch wel wat blaren erbij hadden. Bij Jacob ging alles goed, maar Wim zou Wim niet zijn als hij weer wat aparts had. Wat was er gebeurd? De dag ervoor had de EHBO een aantal blaren geprikt, waaronder twee op zijn kleine teen. Pleister erover en klaar was Kees… ehhh Wim. Maar gisteren moest die pleister er weer af. Nu was er onder de blaar weer een nieuwe blaar verschenen en met het verwijderen van de pleister ging er ook een heel stuk vel van Wim mee. Gevolg? Een open plek zonder vel. Auw, mijn maag draaide om toen ik het hoorde. Bovendien bleek Wim op de vreemdste plekken blaren te hebben. Voordat ik rare dingen kon denken, klonk het aan de andere kant: “Op mijn voeten dan he”. Alsof hij mijn gedachten kon raden. Uiteindelijk heeft Wim meer dan een uur op de pijnbank van de EHBO gelegen want zijn hele voet moest worden ingetapet met speciaal spul wat de dames van de EHBO moesten zoeken. Verder was het heel gezellig, Wim  lag naast een andere vrouw en de twee hadden de grootste lol. Tja… Je moet toch wat als je gepijnigd wordt. Vanmorgen om half acht werd ik al door Wim wakker gebeld. Ze waren dit keer al vroeg vertrokken. Ze liepen nu door Beverwijk (Even zwaaien Jelly…) en hoewel Wim vol goede moed begonnen is aan de toch naar Egmond aan Zee, merk ik toch aan hem dat hij het moeilijk heeft. Gelukkig ga ik vanavond even naar hem toe. Schone sokjes en broodjes brengen en om de jongens even op te beuren. Ineens wil ik dat het zaterdag is en deze vrijwillige martelgang voor hem is afgelopen.