Het is een tijdje goed gegaan maar vanmorgen was het weer goed mis. Toen ik met de bus het station naderde en geen trein klaar zag staan wist ik het al. Dit wordt een van die ochtenden die je liever over wilt slaan. In de stationshal wordt het al omgeroepen “Vanwege een grote storing bij Schiphol is er slechts beperkt treinverkeer mogelijk. De twee voorgaande treinen waren al uitgevallen en beneden in de hal en boven op het perron lijkt het wel een mierennest. Veel mensen staan druk te telefoneren terwijl anderen gelaten hun krantje lezen. Binnensmonds zeg ik een paar heel lelijke dingen want vertragingen op de vrijdag kan ik echt niet gebruiken, ik ben dan de enige medewerker op de afdeling automatisering en moet voor 9 uur binnen zijn. Dat kan ik wel shaken want ook mijn trein is uitgevallen. De volgende mogelijkheid is de sneltrein naar Amsterdam C.S. en dan terugreizen via metro richting Diemen Zuid. En inderdaad de trein naar Amsterdam komt op tijd het station binnengereden en als een dolle menigte stort honderen reizigers zich op de trein. Ruimte om de mensen eerst uit te laten stappen wordt niet gegund en de perrons veranderen in een grote menselijke puinhoop. Ik weet gelukkig nog wel een plekje te bemachtigen op een klapstoeltje maar de trein is afgeladen. Zoals het er nu naar uitziet gaat de schade meevallen en wordt de vertraging beperkt tot hooguit een half uurtje. Dat had ik gedacht, want door de storing is het treinverkeer rond Amsterdam C.S. ook ontregeld en het duurt zeker een kwartier voor we eindelijk het station mogen binnenrijden. Ik volg de menigte en beland in het Centraal Station en dan gebeurt er iets wat mij nooit overkomt. Ik verdwaal. Dat hele Centraal Station was zo verschrikkelijk verbouwd dat ik geen aanknopingspunten meer heb, ik raak helemaal in paniek. De paniek wordt nog groter als ik opeens tot de ontdekking kom dat ik mijn portemonnee thuis heb laten liggen en geen metrokaartje naar mijn werk kan kopen. Ik kan gaan zingen en met de pet rond gaan, maar succes zal ik niet hebben want een valse kraai weet nog beter te zingen dan ik. Ondertussen heb ik mij een beetje kunnen oriënteren door de spleten van de dichtgetimmerde ramen zie ik het Oud-Hollands koffie en theehuis. Ondertussen heb ik ook een plan gemaakt. De metro via Amsterdam C.S. kan ik wel vergeten want daar controleren ze bij de ingang. Ik stap dus op de trein naar Amsterdam Amstel en stap daar over op de metro richting Diemen Zuid. Ik merk dus dat ik niet ben geboren voor zwartrijder want ik voel mij heel erg ongemakkelijk in de trein naar Amstel en later in de metro. Voor de trein naar Amstel hoef ik niet bang te zijn want bij storingen mag je een alternatieve route kiezen die dan sneller is, maar in de metro ben ik echt zwart aan het rijden. Nu zag de metro zwart van de mensen dus een zwarte Jeffie viel niet echt op. Hoewel het maar 4 haltes waren was ik blij dat ik uit kon stappen en ik voelde mij een zware crimineel. En de schade? Ik heb ruim 2 uur gedaan over een ritje van normaal 45 minuten. En van nu af aan zorg ik altijd dat ik mijn portemonnee bij me heb, dat scheelde ook minstens een kwartier.

 
 
Share this:

Internet, een zeer handig medium. Twintig jaar geleden had niemand er nog van gehoord en nu bijna gemeengoed. Sommige mensen kunnen niet meer zonder. En geef nu eerlijk toe, het is makkelijk en ken veel voordelen: Snel even een mailtje naar iemand sturen, lekker chatten met je tante in Timboektoe, de laatste hit van Andre Hazes downloaden (postuum natuurlijk) of snel even opzoeken wat een tjiekie tjiekie vogeltje is. Internet helpt je wel. Daar hangen natuurlijk de nodige gevaren aan. Verslaving… verslaving aan het chatten, de spelletjes of zelfs het bezoeken van sexsites.

Vandaag wil ik even stilstaan over een ander gevaar van het internet, namelijk de anonimiteit. Dat laatste gevaar is wel het vervelendste aspect van de digitale snelweg. Heeft u kinderen en mogen zij op het internet? Ja, dat kan leuk zijn totdat uw spruit benaderd wordt door een “jongetje”of “meisje” die ineens wel heel rare vragen gaat stellen. In hun naïviteit zien de meeste kinderen daar geen kwaad in en geven makkelijk hun adres, naam etc door. Het kan nog erger, ze kunnen met het nieuw gevonden vriendje ergens afspreken en voor ze het weten staan ze tegenover een volwassen man/vrouw die uw kind likkebaardend benaderd met de tong op de schoenen en een geile blik in de ogen. Overdrijf ik? Zeker niet, het komt regelmatig voor. Tijdens het chatten blijft je tenslotte anoniem en niemand ziet dat aan de andere kant van de cyber-spiegel een volwassen vent zit met de broek al op de knieën.

Anonimiteit werkt ook als een rode lap voor de “gestoorde” mede-internetter. Als je je beschermd voelt door je anonimiteit kan je je namelijk helemaal uitleven. Wat is er dan heerlijker om andere mensen met de grond gelijk te maken? Je kan alles roepen en geen haan kraait om wat je zegt. Dat je daarmee een ander de grond in trapt? Haha, ze weten toch niet wie ik ben… Het is een mentaliteit om van te kotsen maar er zijn genoeg mensen die daar plezier uit halen. Het internet is een vrijbrief geworden om alles maar te zeggen en tonen, het slachtoffer kent je toch niet dus wat kunnen ze je maken? Dit asociale gedrag zit er al jong in. Werd je vroeger uitgescholden voor brillenjood, vuurtoren of dikzak, tegenwoordig ontvang je emails (en telefoontjes) vol met bedreigingen en beledigingen. Het slachtoffer weet je toch niet te vinden. We schreeuwen allemaal het hardst als de vrijheid van mening of privacy geschonden word. Maar zolang van deze twee grondrechten misbruik op het internet gemaakt wordt door dit tuig, mag Big Brother van mij wel meekijken.

Vanmiddag heb ik een bezoekje gebracht aan de huisarts. Niet omdat ik daar zo graag op de thee ga, maar omdat ik al enige weken last heb van een pijnlijke keel, en vastzittend slijm tussen mijn neus en keel. Bovendien gaat dit alles gepaard met lichte koorts en een ellendig gevoel. Helaas was mijn eigen dokter op vakantie dus ik moest genoegen nemen met een vervanger. Om bij de dokter te komen moet ik met de bus. Ik kom dan langs mijn oude wijk waar ik hiervoor gewoond heb. Deze wijk, Schouw-Oost, was een zogenaamde asbest-wijk dus is de hele wijk tegen de vlakte gegaan. Ik zit in de bus en kijk naar de troosteloze open vlakte. Het geheel is al jaren omringt door een groot ijzeren hek, daar achter een stuk wild land met hoog gras en riet. Her en der staat er verdwaalde boom die afgewisseld wordt met een aantal zandbergen, afgedekt met plastic. Ik kijk erna en mijn hart huilt. 13 jaar van mijn leven heb ik hier doorgebracht. Veel is hier gebeurd. In dat huis heb ik veel meegemaakt. Heb ik mijn baan verloren, is mijn moeder overleden, heb ik mijn coming-out gehad en heb ik voor het eerst mijn Wim lief gehad. Dat behoort nu definitief tot het verleden, geen plek meer om herinneringen op te snuiven. Mijn herinneringen zijn met de grond gelijk gemaakt. Nog regelmatig droom ik over het huis. Ik zit dan midden in de verhuizing en het huis staat nog vol met spullen maar het is er tevens heel leeg. Dan moet ik onverwachts de nacht daar door brengen, maar het huis wordt belaagd door vreemde indringers, inbrekers en geesten. Kortom verwerkingsdromen. Ik zit zo diep in gedachten dat ik bijna mijn halte vergeet.

De dokter waar ik terecht kan is een stuk ouder dan mijn eigen arts. Ik vertel mijn klacht en hij kijkt in mijn neus. Eerst met dat koude ding in het ene gat, daarna in het andere. Hij kijkt mij serieus aan en ik hou mijn hart vast voor wat er gaat komen. Ik grijp bijna mijn stoel vast om het slechte nieuws in ontvangst te nemen. “Uw ene neusgat is groter dan de andere…” Het was maar goed dat ik mij had voorbereid anders was ik van mijn stoel gevallen. Mijn mond zakt open van verbazing. Ondertussen heeft hij snel een houten spateltje gepakt en duwt hem snel in mijn mond. “Zeg eens Aaaa”. De dokter heeft het euvel al gevonden…. Slijm achter in de keel. 1 minuut later sta ik buiten met een slijmoplosser en een anti-bioticakuurtje…. Het wordt tijd dat mijn dokter terugkomt.

egin oktober, tijd dat de bladeren weer van de bomen vallen. Tot nu toe hebben we het getroffen met het weer. Weinig zware regenbuien, amper storm en redelijke temperaturen. Toch merken we dat we langzaam richting winter gaan. De blaadjes beginnen af te sterven en dwarrelen af en toe naar beneden. De natuur maakt zich weer op voor de winterslaap. Ook in de winkels merken we dat de zomer over is. Naast de halloween-spulletjes verschijnen nu ook de pepernoten, chocoladeletters en zelfs de kerstballen in de winkels. Momenteel zitten we in een overgangs-fase, trek ik mijn jas aan of doe ik hem uit? Als de zon schijnt is het te warm voor een jas, verdwijnt ie achter een wolk dan gaat het jasje weer aan. En ook kunnen we binnenkort de kachel weer aanzetten. Lekker gezellig om thuis te komen bij de warme verwarming met een lekkere kop thee… Zo lekker knus weggezakt op de bank. Ja, laat de herfst en winter nu maar komen, ik ben er klaar voor met mijn jas aan!