Met dit zinnetje neem ik altijd de telefoon op. Nu heb ik deze zin gisteren wel heel veel mogen zeggen. Want gelukkig belde Wim mij drie keer op om wat van zich te laten horen. Volgens mij mist hij mij net zo zeer, maar zal dat nooit toegeven. Maar ook heb ik gisteren behoorlijk wat telefoontjes ontvangen. Dat is het voordeel van goede vrienden en familie, je bent nooit alleen. Allemaal lieve woordjes en aandacht, heerlijk. Daar kan een mens heel blij van worden. Maar soms zijn zijn er ook van die telefoontjes waarvan je wel kan huilen. Gisteren was het weer zover. Het begon met een vriendelijke mevrouw. “Goedenavond, heeft u misschien tijd voor een kort onderzoekje van 2 minuten?” Gelukkig durf ik sinds kort NEE te verkopen. Ik ben namelijk al eerder in zo’n smoesje getrapt. Vraagjes beantwoord en zodra men weet dat je een eigen huis hebt en voor hen aantrekkelijk bent wordt je vervolgens overspoelt met telefoontjes van die telefonische verkopers die je een hypotheek, spaarrekening of weet ik wat willen aansmeren. Maar blijkbaar was het gisterenavond “Nationale Stoor Jef Tijdens Star Trek Enterprise Dag”. Want wederom ging de telefoon tijdens mij favoriete serie. Grommend loop ik naar de telefoon want dit is de enige tv-serie die ik momenteel volg. - “Met Jef” - “Goedenavond, met … van Frisia. Spreek ik met de heer V.?” - “Nee, het spijt me. Die loopt de Strand zesdaagse.” - “Oh, wanneer kan ik hem bereiken?” - “Probeert u het volgende week maar” - “Ik bel volgende week nog wel” Zo daar ben ik ook vanaf, ik kan mijn aandacht weer bij de TV houden, maar 10 minuten later is het weer raak. - “Met Jef” - “Goedeavond, met … van Frisia. Mijnheer V…….?” - “Nee, het spijt me. Die is er niet. Uw collega heeft net ook al gebeld. V. is de strand zesdaagse aan het lopen en is pas volgende week terug.” - “Oh, mijn excuses. Ik zal het meteen noteren.” Hoe dom kan je zijn? Licht geïrriteerd richt ik mijn aandacht weer op de beeldbuis waar het nu goed spannend begint te worden. De Enterprise wordt aangevallen en… weer gaat de telefoon. - “Met Jef” - “Een heel goedeavond, met … van Frisia. Spreek ik met de heer V.?" Diep in mij ontploft er wat. Zelfs ezels zich niet tweemaal aan dezelfde steen en is driemaal scheepsrecht voor Frisia. Het gebeurt niet vaak, maar ik word pissig. - “Ja hallo, luister eens. Dit is al de derde keer dat jullie bellen.” bek ik kortaf - “de derde keer vanavond?” vraagt de man voorzichtig - “Ja de derde keer al vanavond” zeg ik overdreven boos. - “Het lijkt me verstandiger dat ik u uit het systeem haal” wordt er giechelend aan de andere kant gezegd. - “Ja, dat lijkt mij ook heel verstandig. Goedeavond” en woest smijt ik de hoorn erop. Zie je nu wel… Ik heb net het spannendste deel van de serie gemist en terwijl de aftiteling voorbij trekt gaat weer de telefoon. Ze zullen toch geen vierde keer…. Op het ergste voorbereid en strijdlustig neem ik de telefoon op - “Met Jef” - “Met Paula” Ik schiet in de lach en vertel haar het hele verhaal. Maar eigenlijk is het toch wel erg met Frisia. Niet alleen op de televisie komen de spotjes om de haverklap voorbij, maar ook doet men tegenwoordig aan telefoonterreur. Gelukkig zitten wij nu niet meer in “hun systeem”. Maar wedden dat ze volgende week de telefoon weer zal gaan? - “Met Jef” - “Goede avond met … van Frisia. Spreek ik met de heer V……?”

Ik heb net boodschappen gedaan en kom de straat binnengereden. Terwijl ik de auto op de oprit zet komt Ajax mauwend aangelopen. Ik haal de boodschappen uit de kofferbak en loop naar de deur, maar het blijkt een weg met hindernissen te zijn want Ajax gooit zich voor mijn voeten, gaat op zijn rug liggen en verwacht bijna dat ik hem lekker op zijn buikje ga kroelen. Ja, daar heb ik geen zin in, in mijn handen heb ik twee zware boodschappentassen en bovendien moet ik ook nog eens nodig plassen. Erg nodig plassen. Gelukkig redt ik het op tijd, ruim de boodschappen op en schenk een glas koud water voor mij in. Hier zit ik dan alleen op onze grote bank waarin ik nu lijkt te verdwalen. Bah, ik voel me alleen en verlaten en het huis lijkt stil zonder Wim. Flauwekul natuurlijk, het huis is helemaal niet stil, de muziek tettert uit de luidsprekers en Ajax laat duidelijk merken dat hij honger heeft en afwisselend miauwt hij klagelijk en geeft kopjes. Bovendien is Wim pas een paar uurtjes weg. Ja, vanmorgen vroeg ging de wekker al om kwart over vijf, want om 8 uur moesten Wim en Jacob in Hoek van Holland zijn voor hun grote tocht. Ik had mij gisteren voorgenomen om in ieder geval vroeg naar bed te gaan, maar om 22.30 uur ging de telefoon. Er was inbraakalarm in de winkel waar Wim werkt en hij moest komen. Even op en neer naar Emmeloord. Natuurlijk liet ik hem niet alleen gaan, we gingen met z’n drieën. Dat zou eventuele inbrekers wel afschrikken. Natuurlijk was het vals alarm en zodoende lagen we pas om twaalf uur in bed alwaar ik als een blok in slaap viel. Met een schok zat ik rechtop in bed toen om kwart over vijf de wekker ging. Slapen, ik wil slapen was het enige wat ik kon denken. “Roep me maar als Jacob en jij gedoucht hebben, dan kom ik er wel uit”: was het enige wat ik eruit kon brengen voordat ik weer in slaap sukkelde. Kijk, dat moet ik nooit doen want tijdens dit soort hazenslaapjes heb ik de vreemdste dromen. En dit keer was het weer raak, ik reed op een karretje door Amsterdam, alle mensen keken naar mij. Toen ik mijzelf inspecteerde zag ik tot mijn schrik dat ik alleen een t-shirt droeg en verder poedeltjenaakt was. Nee he, de klassieke “ik ben per ongeluk naakt en iedereen kijkt naar mij” droom. Wat was de uitleg van Freud ook alweer voor zulke dromen? De ochtend begon dus moeizaam, maar ook Wim en Jacob kwamen moeilijk op gang en een kwartier te laat vertrokken we richting de kust. Nu hadden wij de mazzel dat het vakantie is want files zijn we niet tegengekomen. De startplaats was makkelijk te vinden want de eerste kudde wandelaars was al op weg naar het strand en je hoefde alleen maar tegen de richting in te rijden. Tja, het afscheid kwam nu wel heel erg dichtbij. Eerst een bakje koffie, de knipkaarten halen en daar gingen Jacob en Wim. Het afscheid viel mij mee. Ik keek hoe ze vol goede moed in de verte verdwenen, ze liepen stevig door en hadden al geen oog meer voor mij. Ik stapte de auto in en begin aan de terugreis. Nog eenmaal reed ik ze voorbij op de boulevard. TOET-TOET “veel plezier jongens…” En Jeffie begon de lange rit weer terug naar huis. Op de radio klinkt opeens “Zonder jou” van Rob de Nijs. Ik luister naar de tekst en krijg een brok in mijn keel. Als ik dan ook nog langs een misarabel bloemenstalletje rijdt waar “Vergeet mij niet” op prijkt, krijg ik het even te kwaad en een traan biggelt over mijn wang. Ik veeg hem weg en probeer mijn aandacht weer op de weg te houden.

 En daar zit ik nu. "Ik heb ook een week vakantie genomen, ik heb de auto tot mijn beschikking. Ik kan echt alle kanten op": zeg ik tegen mijzelf. Ik kan lekker ongegeneerd door de Mediamarkt banjeren, alle dingen doen die ik leuk vindt, lekker hard mijn muziek draaien, spruitjes en tuinbonen eten. Ik moet genieten van mijn weekje vrijheid. Het is duidelijk dat ik mijzelf probeer op te vrolijken. De muziek staat lekker hard. Ik heb spruitjes voor vanavond gekocht. Nu alleen het genieten nog…

Tja, het zit er dan toch aan te komen. Morgenvroeg breng ik Wim en Jacob naar Hoek van Holland alwaar hun barre tocht langs het strand zal beginnen. Maar liefst 140 kilometer lopen ze langs het strand tijdens de Strand 6daagse. Wim heeft er zin in. Zijn tassen zijn dan ook gepakt. Kleding voor elk weer, want zoals we de afgelopen weken hebben kunnen merken hebben de weergoden last van wisselvallige buien. Slaapzak, luchtbed, schone onderbroek. Mijnheer heeft aan alles gedacht. Oh nee, bijna was hij de WC-papier vergeten. Je zal tenslotte maar een grote boodschap moeten doen onderweg. Je kan je kont natuurlijk in de branding hangen maar dat staat zo raar. Twee grote weekendtassen staan al klaar bij de deur. Gelukkig worden de tassen van kampeerplaats naar kampeerplaats vervoerd door de organisatie want ze zijn loeizwaar. Ook zijn rugzak is al gepakt: Pleisters, Tantum en paracetamol voor de eerste hulp bij ongelukjes en verder wat drinken en snackjes voor onderweg. Wim ziet het al helemaal zitten, ik wat minder. Oh ja hoor, ik gun Wim zijn pleziertje al. Maar in de 8 jaar dat wij nu bij elkaar zijn hebben wij nog nooit een nacht zonder elkaar geslapen. Daar gaat nu verandering in komen. Een week lang in een eenzaam groot bed. Jakkes! Even geen lichaam om warm tegenaan te kruipen als ik ’s morgens vroeg uit dromenland terugkeer. Ze noemen mij ook wel eens “kleffe Jef” en ik verdien die bijnaam met ere. Want hoe vaak komt het niet voor dat ik om 10 uur in de ochtend op een werkdag hem al mis en even een belletje geef? Wim’s collega’s kennen mij stuk voor stuk al, telefonisch dan. Een hele week zonder Wim zal mij echt niet lukken, dus kom ik hem zeker 2 avonden even met een bezoekje verblijden of hij het nu leuk vindt of niet. Tevens heb ik gisteren een mobieltje voor hem gekocht. Wim moet eigenlijk niks van die dingen hebben, maar hij snapt ook wel dat ik het prettig vindt om af en toe contact met hem te hebben. En uit angst dat ik elke avond bij zijn tentje zit, is hij toch overstag gegaan… Alleen moet ik er wel voor zorgen dat hij hem niet “per ongeluk” vergeet. Kortom, een enerverend weekje voor Wim en voor mij. Wij vertrekken nu eerst naar Franeker om Jacob op te halen want de wekker gaat morgenvroeg al om 5 uur. Ik hou jullie op de hoogte.

Zaterdagochtend, ik sta in de keuken en ben bezig de vaatwasser aan het uitruimen. Lekker onder het genot van een leuk stukje muziek. Wim zit in de huiskamer Zuma te spelen. Ik hoor hoe hij probeert mee te zingen, lekker uit de maat en af en toe zoekend naar de juiste woorden maar met volle overtuiging. Hoe vertederend, ik voel hoe ik helemaal warm word van binnen. Ja, geluk zit soms in de kleinste dingen.