Vanmorgen leek een dag te worden als elk andere. De wekker ging om zeven uur, met een duffe kop drukte ik hem uit en draaide me nog even om. Natuurlijk versliep ik mij weer en had net tijd genoeg voor het dagelijks ochtendritueel. Maar toen klonk er een hulpkreet van Wim. Hij had ineens heel erge last van zijn rug en kwam amper zijn bed uit. Oei, dat klonk niet zo goed. Van de week had hij al wat last van zijn rug maar vanmorgen kwam hij was het wel heel erg. Ik moest naar mijn werk, daar kon ik niet onder uit dus met een bloedend hart gaf ik hem een zoen en ging op weg. Wim zou zich ziek melden en een afspraak met de dokter maken. Nu is het niet zo makkelijk om een afspraak met onze huisarts te maken. Je mag alleen tussen 2 en 4 bellen voor een afspraak en dan mag je blij zijn als je 3 dagen later aan de beurt bent. Inderdaad, er was geen plaats meer voor Wim maar hij moest wel even zijn urine brengen en kreeg pijnstillers. Zijn urine is goed, dus zijn het waarschijnlijk zijn spieren aldus de assistente.

Tja, nu begin ik mij schuldig te voelen want ik denk zijn rugklachten mijn schuld zijn. Van de week had ik het ’s nachts bloedheet en alleen een open raam hielp niet. Dus had ik een ventilator naast het bed gezet die de lucht lekker net over mij heen blies, maar waarschijnlijk kwam de koele wind wel heel de nacht tegen de blote rug aan van Wim. Gevolg, zeer pijnlijke spieren. Je kan dus begrijpen dat ik mij vandaag zeer rot voelde, rot en schuldig. Ik had hem een paar keer gebeld en dan klonk hij zo zielig. Gelukkig heeft Paula hem vandaag wat gezelschap gehouden.

Het is trouwens niet de eerste keer dat ik Wim gepijnigd heb. Een paar jaar geleden waren we wat aan het stoeien. Ik was in een melige bui en wou Wim het een snoeiduik bespringen. Maar midden in de vrije val bedacht ik mij dat iemand met mijn lengte en postuur dat soort dingen beter niet kan doen. Ik brulde nog wel “Van onderen…..” maar in de sprong zette ik mijn handen naar voren om mijn val enigszins te breken en een van mijn handen belandde dus op de borst van Wim. Gevolg: een gekneusde rib die weken langs pijnlijk was. Een speels cadeautje van mij zodat hij aan mij kon denken. Ik denk dat hij liever een bos bloemen had gehad.

Vandaag was eindelijk de dag dat onze nieuwe koelkast binnen zou komen. In eerste instantie zou Paula hier de wacht houden omdat zij vakantie heeft en Wim en ik moesten werken. Maar om eerlijk te zijn is het vrij rustig op het werk, een vrije dag lonkte wel dus gisteren een vrije dag aangevraagd. Wim was ook op hetzelfde idee gekomen dus stonden wij hier vandaag met drie man sterk de koelkastbezorgers op te vangen. Paula was amper binnen of de bezorgers stonden al voor de deur. Paula zag ze en rende naar binnen “Pak je fototoestel, je fototoestel” siste ze mij toe. Een van de bezorgers van het mannelijk geslacht bleek zeer in de smaak te vallen. En inderdaad, het was een erg lekker ding, niks mis mee. Paula trotseerde de harde wind en spatregen en stond buiten om maar een glimp van de knappe bezorger op te vangen. De andere, wat oudere en kalende, bezorger keurde ze geen blik waardig. Het waren trouwens heel aardige mannen en ze zette de nieuwe koelkast netjes op zijn plaats. “De stekker mag er pas over 24 uur in” werd mij verteld. Jakkes, dat was nog een vieze tegenvaller. Moeten we nog een dag wachten voor we heerlijk gekoeld drinken krijgen.

Omdat de koelkast al zo vroeg bezorgd was, was er dus nog ruimte over om wat leuks te gaan doen. Medemblik, Enkhuizen, Amsterdam, Zwolle waren opties maar de keuze viel uiteindelijk op het oude vissersstadje Harderwijk. Veel mensen kennen deze stad alleen van het Dolfinarium maar het heeft ook een heel mooi en vooral oud centrum. Het waaide nog wel een beetje maar de regen was verdwenen en had plaats gemaakt voor een helder blauwe lucht met een verwarmend zonnetje. Heerlijk weer. Na een paar winkeltjes (en de nodige antiekzaken voor Wim) kwamen we uiteindelijk aan bij de Grote Kerk van Harderwijk die open was voor bezichtiging. Wij vinden het heerlijk om door zo’n oude kerk te lopen en ook deze kerk was meer dan de moeite waard. Op een gegeven moment zaten Paula en ik op een bankje te kijken naar de prachtige 16de eeuwse tekeningen boven in de gewelven. “Zo krijgen jullie kramp, ik heb nog wel een paar spiegels liggen”. Voor ons stond een oude man met een vriendelijk en zacht gezicht, waarschijnlijk de koster van de kerk. Paula en ik bedankte voor de eer en Paula zei dat ze de tekeningen liever live wilde zien. De koster kwam gezellig bij ons zitten en we raakten aan de praat. Hij vertelde over de prachtige tekeningen en de geschiedenis van de kerk. Ondertussen kwamen er een paar mensen bij ons staan die de verhalen ook heel interessant vonden. Helaas konden we niet zo heel lang blijven want onze parkeerkaart liep af. Op de terugweg naar de auto hebben we nog een heerlijk Italiaans ijsje gegeten. Maar Paula wou ook nog een visje happen nu we toch in Harderwijk waren. Het werd een broodje paling voor Wim en Paula en ik nam een zure bom (Nee, ik ben niet zwanger.) Al met al was het weer een heerlijk en onverwachts dagje uit. Dit zijn van die uitjes die het leven het moeite waard maken. Zometeen begin ik aan het avondeten: Spareribs met ijsberg-salade en gebakken krieltjes. Wat kan een mens toch genieten van de kleine dingen van het leven…

Lelystad??? Dat gehucht is dichtgeplakt met kranten!!! Dat kregen mijn ouders bijna 30 jaar geleden te horen toen ze besloten om van Amsterdam naar Lelystad te verhuizen. Onze familie verklaarde mijn ouders voor gek om uit Amsterdam te vertrekken. Maar mijn ouders wisten wel beter. Wij woonden in een etagewoning op de derde verdieping ergens in Nieuw-Zuid. Nu misschien een normale wijk in Amsterdam, maar in de jaren ’60 – begin ’70 toen wij er woonden was het DE koude kak buurt. De buurt werd voornamelijk bevolkt door oude besjes die hun gezichten dik plamuurde met rouge, lippenstift en oogschaduw. Van die bejaarde nufjes met bontjas die met hun neus hoog in de lucht over straat paradeerde. Die typjes die bij de groenteman om 3 worteltjes voor hun konijn vroegen (ja-ja...) of bij de slager even gemakkelijk 4 plakjes rookvlees wilde hebben. En daar woonde wij dus tussen, een doorsnee gezin met drie kinderen. Mijn moeder voelde zich diep ongelukkig tussen dit soort buren, bovendien kwam onze onderbuurvrouw rechtstreeks uit de hel. Als wij of onze visite iets te veel lawaai maakte, rende ze naar de zolderkamer recht boven ons en ging met een bezemsteel keihard op de grond lopen stampen. Dit treiter gedrag pikte mijn ouders weer niet, het gevolg: ruzie. Het ging zelfs zo ver dat “de buurvrouw uit de hel” al op tilt sloeg als de visite met de stoel over de grond schoof. Ook kwam ze vaak scheldend en tierend naar buiten gestormd als wij (misschien iets luidruchtig als kleine kinderen betaamt) de trap af kwamen. Dat haar man al ruim 3 jaar achter elkaar bezig was om tot ’s avonds laat de woning te verbouwen telde zeker niet. Mijn moeder werd er dol van en vervloekte de man en zijn eeuwig gezaag, geboor en getimmer. En zie, haar wens werd verhoord toen een paar dagen later de buurman 6 van zijn vingers afzaagde met een cirkelzaag. Tjop tjop tjop, van het verbouwen hebben we nooit meer wat gehoord.

Mijn ouders besloten dat ze hun kinderen niet ergens driehoog achter en met de opkomende drukte en criminaliteit wilde laten opgroeien en besloten Amsterdam te ontvluchten. Hoofddorp en Uithoorn vielen af en het werd dus uiteindelijk Lelystad. We kregen een prachtige woning met 3 verdiepingen!!! Het eerste wat wij deden was constant de trap op en af rennen. Heerlijk, geen schreeuwende buurvrouw in de buurt. Lekker buiten spelen zonder bang te zijn om onder een auto te komen…. Ik ben mijn ouders nog altijd zeer dankbaar dat ze destijds deze keuze hebben gemaakt. Ondertussen woon ik dus al bijna 30 jaar in Lelystad. En ik moet bekennen, de stad verdient geen schoonheidsprijs: Alleen nieuwbouw, geen gezellig stadshart, zeer beperkte uitgaansgelegenheid, matig aanbod van winkels… Maar daarin tegen weer: mooi ruim opgezet, veel groen, zeer betaalbare mooie woningen, lekker centraal, veel natuur.

Ondertussen is Lelystad mijn stad geworden en ik voel me er thuis. Ik ken veel van de mensen, ik ken de wijken en elke keer als ik op de A6 Lelystad weer zie naderen, voel ik mij thuis. Als ik mijn straat in rij en ons huisje zie staan voel ik mij trots. Trots dat ik hier kan en mag wonen. Dichtplakt met kranten is Lelystad voor de familie schijnbaar nog steeds want de afstand van Amsterdam naar Lelystad is blijkbaar veel verder dan vice versa want visite uit Amsterdam krijgen we zelden, maar er wordt wel steeds verwacht dat wij op komen draven. En ach, Amsterdam is een leuke en gezellige stad. Ik kom er graag maar zou er voor geen geld meer willen wonen!!! Dan maar liever een leven achter de kranten.

Vandaag krijgen jullie maar een kort logje van mij. Reden? Heel weinig tijd. Vandaag had ik Wim en Paula beloofd om een pompoensoep te maken van de pompoen die we zondag hadden meegenomen van de pompoenenfair. Dat kwam trouwens goed uit want ik had enorme honger gekregen op het werk. Bij mijn rondje van alle weblogs die ik lees werd ik lekker gemaakt: Paula, Rozebeer, Rene, Michel, Jolietje en Krijn hadden het allemaal over lekker eten. Het kwijl liep mij al uit de mond. Ik moest maar afwachten of de pompoensoep vanavond lekker zou worden want ik had nog nooit met pompoenen gekookt. Terwijl Wim en Paula een eindje gingen lopen, dook ik de keuken in. Het vruchtvlees van de pompoen was keihard en ik had er zelf een hard hoofd in dat de soep iets zou worden. Ui, paprika, pompoen, aardappels, sambal, bouillon en diverse kruiden zijn de ingrediënten en dat alles lekker pureren en afmaken met peper en zout. Ondertussen kreeg ik ook mijn zus en zwager op visite, dus ik kon de soep eerst op hen uittesten en die vonden hem wel lekker. En ik moet ook bekennen, de pompoensoep is een blijvertje. Dit maak ik binnenkort nog wel eens. Heerlijk met versgebakken brood en verse ananas toe…. Jeffie’s maag zit vol en nu zitten we een leuke film aan het kijken “School of rock” maar ik ben er even tussenuit gepiept op dit logje te schrijven. Morgen krijg je een langer logje. Tot morgen…

Pompoensoep met paprika

Ingredienten:
1 ui, 1 rode paprika, 2 aardappelen, 2 el olie, 1 tl gemberpoeder, 1 tl gemalen komijn, 2 tl gemalen koriander, 500 gr pompoenblokjes, 2 tuinkruidenboulliontabletten, zout, peper, 1 à 2 el sambal, 125 ml crème fraiche, 1 takje peterselie.

Bereiding:
De ui pellen en snipperen. De paprika wassen, schoonmaken en in blokjes snijden. In een soeppan de olie verhitten en de ui en paprika ca. 2 min. fruiten. Dan het gemberpoeder, de komijn en de koriander erdoor roeren. De pompoen, de aardappel, de boullionblokjes en 1 liter water toevoegen, de soep aan de kook brengen en ca. 20 min. zachtjes laten koken. De soep met een staafmixer pureren. Indien nodig de soep met water nog enigszins verdunnen en hem op smaak brengen met zout, peper en sambal. De soep over 4 kommen verdelen en een lepeltje crème fraiche in het midden van de soep scheppen. De peterselie erboven fijnknippen.